De Rechtspraak

Voor de strafrechtbank, voor de zware gevallen, werd in het Gravensteen de vierschaar gespannen, ook wel “hoge” vierschaar genoemd. De vierschaar kwam één keer in de week bijeen op vrijdag en de zittingen waren openbaar. De baljuw en enkele schepenen (invloedrijke burgers) maakten deel uit van wat wij nu de rechterlijke macht zouden noemen. Zij konden echter geen vonnis uitspreken zonder een bekentenis, forensisch bewijs werd niet verzameld en ooggetuigenverklaringen waren vaak onbetrouwbaar. Als een gevangene geen vrijwillige bekentenis wilde afgeven kon de scherprechter, ook wel beul genoemd, worden ingezet om via marteling alsnog een bekentenis af te dwingen. De scherprechter had zijn werkruimte in de kelder van het Gravensteen.

Zitting van een rechtbank. Miniatuur in de Historiebijbel van Evert Zoudenbalch, Utrecht, ca. 1460

...